Kennis en impact samen beter

Een gemeenschappelijk beeld om samen te werken aan meer impact

De komende decennia staan Nederland en de wereld voor grote maatschappelijke uitdagingen. Om welvaart en welzijn te behouden en te laten groeien is maximale impact van onze kennis essentieel. In opdracht van het Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap (OCW) en het Ministerie van Economische Zaken en Klimaat (EZK) ontwikkelde ik daarom een gemeenschappelijk denkkader over impact, valorisatie en kennisbenutting.

Impact ontstaat vooral door kennis en interactie van mensen met passie en ambitie: onderzoekers, ondernemers, bestuurders en medewerkers van bedrijven en van maatschappelijke organisaties, politici, ambtenaren en vele anderen. Ieder heeft begrijpelijkerwijs een eigen perspectief op het ‘impactsysteem’ en op wat daarin het belangrijkst is. En vanuit die eigen perspectieven is in Nederland veel bereikt. Het totaalbeeld en de samenhang tussen alle perspectieven worden echter makkelijk uit het oog verloren.

Dit discussiedocument is een uitnodiging en een aanmoediging aan allen die direct of indirect te maken hebben met kennis en impact, om zelf – individueel en als organisatie, publiek en privaat – aan de slag te gaan met de eigen rol en betekenis in het systeem, en daarover in gesprek te gaan. Het biedt geen inhoudelijke agenda of prioriteitsstelling, maar een verbindende basis, taal en context voor ambities vanuit de diverse perspectieven. Opdat Nederland nog veel beter wordt in het creëren van impact met de kennis en kunde die we hebben.

Impactmodel

Goede afspraken voor wetenschappelijke startups zijn onontbeerlijk

Deze column verscheen eerder op InnovationOrigins.

Investeren in wetenschap levert een essentiële bijdrage aan het creëren van een betere, fijnere, veiligere, gezondere wereld. De bijdrage bestaat uit het ontwikkelen en het verspreiden van kennis. Die kennisverspreiding gebeurt op vele manieren: via onderwijs en wetenschappelijke of populaire publicaties, maar ook via toegepast onderzoek, publiek-private samenwerking, deeltijdaanstellingen en startups. Kennisinstellingen werken continu aan het verbeteren van al deze routes, samen met vele anderen.

Cruciale rol voor wetenschappelijke startups

Met name de route via startups wordt steeds belangrijker voor Nederland en alle andere landen waarin vooral de (private) markt verantwoordelijk is voor innovatie. Maatschappelijke uitdagingen worden immers steeds groter en urgenter en het wordt steeds moeilijker om binnen bestaande kaders oplossingen te vinden. Gevestigde ondernemingen hebben hun bedrijfsvoering, verdienmodellen, bedrijfsmiddelen en werknemersbestand echter juist geoptimaliseerd om binnen de kaders succesvol te zijn. De echte innovatie moet dus komen van nieuwe partijen. Juist, van de startups.

Op weg naar afspraken die leiden tot meer impact

Het is dus van groot maatschappelijk belang dat wetenschappelijke kennis voor startups ruim beschikbaar is. Formeel, in de vorm van Intellectueel Eigendom, maar ook door laag­drempelige samenwerking tussen wetenschappers en ondernemers, al dan niet in een gezamenlijke startup.

Wanneer publiek gefinancierde wetenschappelijke kennis een weg vindt naar een private startup worden daarover afspraken gemaakt tussen de kennisinstelling en de ondernemer. In die afspraken spelen vele belangen, verwachtingen en succesfactoren een rol – niet alleen van de mensen aan tafel. Zo moeten de afspraken bijvoorbeeld de wetenschappelijke onafhankelijkheid van de ondernemende wetenschapper en de investeerbaarheid van de startup borgen.

Ingewikkelde puzzel

In de praktijk ontstaat zo steeds een flinke puzzel waarin veel elementen met elkaar worden verbonden, zoals het gebruik van intellectueel eigendom (en de vergoeding daarvoor), de rol van de ondernemer die ook universiteits­werknemer is, het aandeelhouderschap en zeggenschap. Vooral de vertegenwoordigers van kennisinstellingen (of hun stichtingen/holdings) worden daarbij bovendien beperkt door regelgeving of instellingsbeleid. Dat er naast verschillende percepties en kennisniveaus ook vele belangen en randvoorwaarden meespelen maakt het vinden van een oplossing niet makkelijk. En met het resultaat is dan ook vaak lang niet iedereen tevreden.

Intussen is er echter een groeiend bewustzijn dat we in Nederland sneller tot betere afspraken moeten en kunnen komen. Er zijn buitenlandse voorbeelden van afspraken die voor alle betrokken lijken te werken, maar we moeten ook ons eigen huiswerk doen. Het gesprek zal gaan over aandelenpercentages, royalties en verantwoordelijkheden. Maar we moeten het vooral ook hebben over de uitgangspunten. Een belangrijk uitgangspunt dat alle partijen zou moeten verbinden is het streven naar de maximale kans dat een wetenschappelijke startup daadwerkelijk grote impact gaat maken. Dat het die startup lukt is allerminst zeker, maar we moeten hoe dan ook niet uit het oog verliezen waarom onze samenleving in wetenschappelijk onderzoek investeert: om impact te maken. Met dat gedeelde belang in het achterhoofd moet het in Nederland toch lukken om samen tot goed werkende afspraken te komen!

Over Science to Impact

Nederland barst van de wetenschappelijke kennis en de creativiteit om oplossingen te ontwikkelen voor wereldwijde uitdagingen. Innoveren doen we ook al eeuwen. Onze huidige tijd vraagt om een vernieuwde aanpak en versnelling die leidt tot nóg meer impact van onze topwetenschap. Hoogste tijd voor een beweging – van en voor kennisinstellingen, bedrijven en overheid – met als doel: science to impact. De 9 speerpunten van de beweging vormen een kapstok voor beleid en initiatieven.

The Green Village – proeflocatie voor de duurzame maatschappij

Dit voorjaar schreef ik een hoofdstuk voor het boek Circulariteit, op weg naar 2050?, onder redactie van prof. Peter Luscuere, TU Delft. Download en lees mijn bijdrage aan het boek hier!

Uit de introductie:

Om in 2050 een volledige transitie naar een duurzame samenleving te bereiken, zullen we fundamentele veranderingen moeten aanbrengen in het efficiënte Nederlandse maatschappelijk systeem. Hoewel dit systeem ons veel voorspoed heeft gebracht, laat het zich niet eenvoudig aanpassen. Daardoor wordt het steeds meer een belemmering voor duurzame innovatie. Om toch innovaties te kunnen testen die nodig zijn voor een duurzame toekomst, is een veilige plek nodig. The Green Village biedt zo’n veilige plek.